Lichter leven: Een beetje hulp van buiten

Licht leven een beetje hulp van buitenIn mijn zoektocht naar de ideale capsule wardrobe kom ik heel wat hobbels tegen. Ondanks de hulp van Pinterest, Mr. Simpelsap en vriendinnen, besloot ik wat professionele hulptroepen in te roepen. Ik trok mijn stoute schoenen aan en nam contact op met Xstyling Image voor een afspraak. Akke Marije nam uitgebreid de tijd om mijn wensen te bespreken en was heel duidelijk over de diensten die zij verleent en het daarbij behorende prijskaartje. Per mail kreeg ik een vragenlijst toegestuurd, die ik kon aanvullen met outfitfoto’s van mezelf.
Voor mij was het helder: ik wil een aantal outfits samenstellen die mijn figuur flatteren en wat handvatten zodat ik in het vervolg zonder al teveel moeite zelf kledingcombinaties kan samenstellen. De voorbereidingen waren grondig en dat stelde me alvast wat gerust. Toch zag ik er een beetje tegenop.. De hele dag met kleding bezig zijn en langer dan een uurtje in de winkelstraten rondlopen? Ik moest er niet aan denken.. Winkelen was een noodzakelijk kwaad dat ik het liefst zo snel mogelijk wilde afvinken van mijn to-do lijstje.

Here we go
Een maand later was het zover. Mijn dagje met een personal shopper.
Vroeg in de ochtend stond Barbara bij mij voor de deur.
Een hartelijke, open vrouw bij wie ik me meteen op mijn gemak voelde. We begonnen de dag met een kopje thee en namen een aantal stijlen door. Welke stijlen spraken mij aan? Daarna kreeg ik een figuuranalyse. Hoewel ik deze al eerder bij mezelf heb gedaan, was het erg prettig om iemand met ervaring te hebben die haar mening gaf. Barbara legde uitgebreid uit welke kenmerken mijn figuur had en toonde me welke kleding het beste bij mij zou passen. Na alle informatie namen we mijn stijlpaspoort door, waarin ik alles kon vastleggen wat ze me had verteld. Daarna was het tijd voor een kijkje in mijn kledingkast. Met Barbara’s informatie vers in mijn hoofd, kon ik meteen een aantal kledingstukken van de twijfelstapel naar de doneerstapel verplaatsen. Ik had een aantal outfits klaargelegd die ik vaak droeg, om haar mening te vragen. Daarnaast had ik een aantal kledingstukken bewaard die me ooit erg leuk stonden, maar nu niet meer. Samen analyseerden we waardoor dat kwam en waar ik in het vervolg op kon letten. Mijn zelfvertrouwen borrelde op en ik kreeg er zelfs een beetje zin in..

Shop til you drop!
Na de theorie was het tijd voor de praktijk. Barbara ging heerlijk efficiënt te werk. Ze had van te voren al een aantal winkels uitgezocht waar ze een kijkje wilde nemen.
Ikzelf was nogal overdonderd. De theorie van eerder op de dag fladderde in mijn hoofd en zorgde voor een totaal nieuwe blik op het kledingaanbod. Ik probeerde mijn weg te vinden, maar dat viel nog niet mee. Voor mij is shoppen een noodzakelijk kwaad, voor Barbara een bron van plezier.
En wat kon ze het goed! Theorie en praktijk liepen naadloos in elkaar over toen ze mij ontspannen door de winkel loodste en uitlegde welke stoffen flatteerde en welke niet. Moeiteloos verzamelde ze diverse kledingstukken waar ze in een handomdraai verschillende outfits van maakte. Ik was niet langer meteen afwijzend naar kleding, maar eerder nieuwsgierig. Zou deze rok écht bij me passen?

I’m back!
Angsthaas had het hoogste woord toen ik bibberend de eerste outfit aantrok die zij voor me had uitgekozen. Toen ik in de spiegel keek, viel mijn mond open van verbazing. Ik droeg een spijkerjasje, een wit t-shirt, een zwarte kokerrok en witte sneakers. Het was een eenvoudige, comfortabele en vrouwelijke outfit. Voor het eerst in jaren herkende ik mijn eigen spiegelbeeld. Alsof mijn buitenkant nu eindelijk weer paste bij mijn binnenkant.
Barbara zocht nog een aantal andere outfits voor me uit, in verschillende winkels. Ze pakte de juiste maten, zorgde voor de juiste accessoires en maakte foto’s van elke outfit. Daarbij hield ze rekening met mijn eerder genoemde budget én de kleding die ze in mijn kast had zien hangen. Wat een luxe behandeling!

Het is inmiddels al een aantal maanden geleden sinds mijn dagje met Barbara, maar ik kijk er nog steeds met veel plezier op terug. Die dag ging er een knopje om in mijn hoofd. Ik ontdekte dat mijn innerlijk en uiterlijk precies bij elkaar kunnen passen. Het enige wat ik hoef te doen is te denken in mogelijkheden en dapper genoeg te zijn om te experimenteren met mijn comfortzones.
Mijn ideale capsule wardrobe is er nog lang niet, maar de reis er naartoe is een stuk leuker geworden!

Lichter leven: Een capsule wardrobe bouwen

Licht LevenMinimalistisch, efficiënt en tijdbesparend. Dat is voor mij een capsule wardrobe.
Een kleine verzameling van essentiële, kwalitatief goede kledingstukken die ik op allerlei verschillende manieren met elkaar kan combineren.
Op deze manier kan ik met minder kledingstukken, meer outfits creëren. Beter voor het milieu en beter voor mezelf!

Waar moet ik beginnen?
Op Pinterest  😉
Ik besteedde er heel wat uurtjes om plaatjes te verzamelen van kledingstukken, outfits en accessoires die ik mooi vond. Door deze allemaal bij elkaar te zetten, kreeg ik een steeds helderder beeld van mijn eigen stijl.
Comfortabel, stoer en vrouwelijk.

Kleur bekennen
Teveel kleur maakt onrustig en is bovendien moeilijker te combineren. Ik besloot een aantal basiskleuren te kiezen; zwart en rood (mijn lievelingskleur! Ik ben er zelfs in getrouwd), donkerblauw, grijs en wit. Samen met een vriendin deed ik een kleurenanalyse om eens samen met een professional te bekijken welke kleuren me qua kleding en make up het mooiste zouden staan. Ik kreeg een op maat gemaakte kleurenwaaier zodat ik kon experimenteren met kleuren die buiten mijn comfortzone lagen (zoals kikkergroen!) maar wel mooi bij mij staan.
Ook snuffelde ik eens rond in mijn geminimaliseerde kledingkast
Welke stofjes vond ik het fijnst? Ik houd van zachte stoffen, die natuurlijk aanvoelen en geen geurtjes vasthouden.
Ik hou niet van strijken dus kreukgevoelige stoffen vallen bij voorbaat af. Tenslotte las ik de labeltjes en maakte aantekeningen, zodat ik bij een volgende aankoop op de samenstelling van de stof kon letten.

Appels en peren, zandlopers en rechthoeken
Als ik een kleine garderobe heb, wil ik me een elk kledingstuk fantastisch voelen. Het was dus belangrijk dat ik goed wist welke kleding mij flatteerde en welke niet.
Ik ging in mijn ondergoed voor de spiegel staan, nam mijn maten op en analyseerde mijn figuur. Daarna verzamelde ik wat informatie over mijn figuur en bekeek opnieuw mijn Pinterestboard.
Kwamen de plaatjes die ik had verzameld overeen met de kleding die het beste bij mijn figuur paste? Mijn capsule wardrobe werd steeds concreter; tijd om te winkelen!

Shop til you drop?
Ik wist wat ik mooi vond, wat mijn stijl is, wat me flatteerde en wat lekker zat. Genoeg informatie om te shoppen!
Gewapend met mijn pinterestboard en ‘wishlist’ ging ik op pad.
Maar al gauw merkte ik dat ik de praktijk moeilijker vond dan de theorie. Hoewel ik rationeel weet dat ik niet meer hetzelfde figuur heb als vijftien jaar terug, was dat besef nog niet helemaal ingedaald. Te vaak pakte ik te kleine of niet flatterende kleding, om het vervolgens teleurgesteld weer terug te leggen. In mijn hoofd zag ik er nog steeds uit als een vijftienjarige, terwijl ik in de tussentijd een stuk meer rondingen gespaard had.
Daarnaast waren de capsule wardrobe keuzes die ik had gemaakt oké, maar wel een beetje saai. Het zag er verzorgd uit, maar had niet de Simpelsap vibe.

Ik hou niet zo van uiterlijk vertoon.
Make up, nagelsalons, wimper-extensions, hakken.. Wat een gedoe!
Ook urenlange shopping – sessies zijn niet aan mij besteed. (Behalve in een boekwinkel dan)
Na een flinke tijdsinvestering was mijn geduld op.
Mijn vriendinnen waren erg lief; geduldig lieten ze me mogelijke outfits en kleding zien die vast heel mooi zou staan. Maar de moed was me in mijn schoenen gezonken en ik liep vast in mijn eigen denken.
Hoewel mijn fantasie-tas leeg geleegd was, was mijn zelfvertrouwen nog niet helemaal hersteld. Omdat ik niet wist welke kleding bij me paste, voelde ik me in mijn ‘veilige combinaties’ een grijze, saaie muis.
Ik had er alles aan gedaan om een passende capsule wardrobe te bouwen, maar in mijn eentje lukte het niet. Tijd om wat hulp van buiten in te schakelen!

Volgende keer: Een beetje hulp van buiten

Lichter leven: alles uit de kast!

Licht Leven Alles uit de kast!Begin vorig jaar deelde ik een aantal verhalen over minimalisme.
De wens om te leven volgens ‘mijn essentie’ leidde ertoe dat ik de bezem haalde door mijn bezittingen. Zo ook  door mijn kledingkast.
Pak lekker wat te drinken en ga ervoor zitten, want ik ga je precies vertellen hoe ik dat gedaan heb.

 Een lege fantasie tas
Bij het legen van mijn fantasie-tas  werd ik al aardig met mijn neus op de feiten gedrukt: onbewust koesterde ik fantasieën over mezelf die mij het leven alleen maar lastiger maakten. De wens om superslank te zijn met alle rondingen op de juiste plek bijvoorbeeld, of de fantasie om een hooggehakte, perfect gekapte classy carrièrevrouw te zijn.
Mijn kledingkast was een letterlijke afspiegeling van deze fantasieën. Er lagen stapels kleding in maatje xxxs (de maat die ik ooit had) die me een instant rollade – look gaven, achterin de kast stonden drie paar pumps stof te vangen en ver weg lag nog een stapeltje kleding dat ik bewaarde uit sentiment. Ook viel het op dat ik wel heel veel pyjama’s en chill kleren in de kast had liggen. Wat een chaos! Door mijn fantasie-tas te legen, maakte ik ruimte voor dromen en later. Een geminimaliseerde kledingkast Door mijn kledingkast op te ruimen maakte ik ruimte voor mezelf in het nu. Hoe pakte ik dit aan?

    1. Alles uit de kast
      Ik trok alle kleding uit de kast en legde de hele stapel op bed. Daarna haalde ik meteen een sopje door mijn lege kast heen en hing er wat zeepjes in voor een lekker luchtje.
    2. Stapels maken
      Ik maakte vier stapels: houden, herstellen, doneren, weggooien.
    3. De kleding over de stapels verdelen
      Ik ging zo snel mogelijk door de kleding heen. Er waren kledingstukken waar ik meteen van wist dat ik ze wilde houden. Ik hield van de stof, de kleur of het model. Deze vouwde ik op en legde ik meteen in de kast. Alles wat te klein was, maar er nog goed uitzag mocht op de donatie-stapel. Kleding die verwassen of versleten was (ook pyjama’s, hemdjes, of ondershirts!) mocht meteen weg. Kleding die ik leuk vond maar waarvan er een knoop miste, kon op de herstel-stapel
    4. De twijfel stapel
      Terwijl ik aan het opruimen was, ontstond er ook een vijfde categorie: de twijfelstapel. Miskoopjes, kleding die ik gekregen had maar zelf niet zou kiezen, kleding die allang te klein was, maar die ik bewaarde uit sentiment of kleren die ik ooit heel enthousiast kocht maar nu niet opnieuw zou kiezen. Allemaal belandden ze op de twijfel-stapel. Deze bewaarde ik voor het laatst.
    5. Laat het los
      De kleding die weggegooid kon worden, gooide ik zo snel mogelijk in de kledingbak en de kleding die gedoneerd kon worden ging zo snel mogelijk naar de kringloop. Door snel te handelen, gaf ik mezelf geen mogelijkheid om alsnog te gaan twijfelen over bepaalde kleding. Achteraf gezien kon ik me niet eens herinneren wat ik had weggedaan!
    6. Doen!
      De ‘herstel’ stapel bleek bij mij overbodig te zijn. Als jij wel een stapel herstelkleding hebben, breng deze dan zo snel mogelijk naar de kleermaker.

De Twijfelstapel..
De kleding die op deze stapel lag, ging nogmaals door mijn handen. Deze stapel kon ik opnieuw categoriseren:

  • Sentiment
    Een babytruitje bij dat mijn moeder ooit voor me breidde, een vest dat mijn opa aan me gaf en een t-shirt dat ik van mijn neef uit Ambon cadeau kreeg. Dierbare kleding die ik niet zomaar weg wilde doen. Ik borg ze op in mijn herinneringskist op zolder.
  • Miskopen 
    Ooit leek het een goed idee, maar eenmaal thuis trok ik ze nooit aan. Ik hield deze kleding in mijn kast uit schuldgevoel. Het is toch zonde om ze zomaar weer weg te doen? Ik had er per slot van rekening geld aan uitgegeven! Maar iedere keer dat ik deze kleding aantrok, was ik ontevreden. Het gaat gewoon niet werken, nu niet, nooit niet. Ik besloot mijn miskopen te doneren. Misschien dat een ander er wel erg blij mee is.
  • Gekregen kleding 
    Ik kan moeilijk nee zeggen. Dat heeft ook geleid tot een overvolle kledingkast met kleding die niet eens mijn eigen smaak zijn. Het voelde ondankbaar om ‘nee’ te zeggen, maar het voelde ook onprettig om kleding te dragen die niet bij mij past. Ook deze kleding besloot ik te doneren.
  • Kleding waar ik niet over kon beslissen
    Tot slot nog de harde kern van mijn twijfelstapel; kleding waar ik niet over kon beslissen. Deze kleding stopte ik in een plastic tas en zette die achterin de kast. Als ik na een half jaar de kleding nog steeds niet had gedragen, zou ik de hele tas – zonder deze van te voren te openen- doneren. Opgeruimd staat netjes! En nu?
    Voor de eerst kon al mijn kleding in één kast, geen gesjouw met tassen bij een seizoenswisseling! Ik maakte nieuwe combinaties en had niet langer keuzestress. Op mijn telefoon maakte ik een ‘wishlist kleding’ waarin ik bijhield welke kledingstukken ik graag wilde kopen. Mijn wens, het opbouwen van een comfortabele, eenvoudige garderobe die uitstraalt wie ik ben, was hiermee al een stukje dichterbij gekomen.

Volgende keer: Hoe bouw ik een capsule wardrobe op?

Minimalisme – De toegift; het legen van mijn fantasie-tas

workshop

 

De grote opruimronde was voorbij, de kwartjes waren gevallen.
Ik was enthousiast om huis en hoofd opnieuw in te richten.
Totdat ik in een stoffig hoekje een tas ontdekte. En die bleek bomvol te zitten.
(Damdamdamdaaaaa!)

 

Mijn fantasie-tas
Iedereen heeft bepaalde fantasieën over zichzelf en het leven. Zo had ik er ook een paar:

  • Slank zijn met alle rondingen op de juiste plek.
    Daarom had ik een plank vol met kleding die nu nét niet paste, maar als ik mijn buik nou wat dunner werd en mijn kont wat dikker, zou het wel mooi staan.
  • Een classy carrièrevrouw zijn.
    Met make up, hakken en een chique garderobe. Met een onberispelijk uiterlijk zou ik vast veel succesvoller zijn in mijn werk.
  • Een perfecte huisvrouw zijn.
    Met een hele hoop boeken met huishoudtips, kookboeken en een naaimachine. Koken, een soepel huishouden runnen en ook nog zelf wat pannenlappen en schortjes knutselen. Wat zou mijn vriend blij zijn met mij!

Het is leuk om te fantaseren. Door de benodigde spullen te kopen of te koesteren, lijken die fantasieën haalbaar en tastbaar. Bij elke offday gooide ik wat meer bagage in mijn fantasie-tas. Want ooit.. ooit zou het allemaal goed van pas komen!
Als ik in het dagelijks leven geconfronteerd werd met deze spullen, voelde ik me schuldig (nog steeds niets met die naaimachine gedaan!) of ontevreden over mezelf (nog steeds geen platte buik!). Maar wegdoen, lukte ook niet. Vaak waren de spullen nog nieuw of nauwelijks gebruikt. ‘Zonde’ en het voelde ook als opgeven. Mijn fantasie-tas werd steeds groter en zwaarder. Spullen, schuldgevoel en ontevredenheid drukten steeds meer op mijn schouders. Het voedde mijn perfectionisme en was een dankbaar hulpmiddel voor mijn innerlijke criticus. (En die is streng!)
Hoe kan ik mezelf de ruimte geven om te worden wie ik wil zijn met zo’n zware last op mijn schouders?

Niet bij de pakken neerzitten
Er zat niets anders op; die tas moest leeg. Ik keek nogmaals naar al mijn fantasieën en realiseerde me het volgende:

  • Slank zijn met alle rondingen op de juiste plek.
    Elke keer als ik die k*tbroek met rug-gat aanhad, leek het alsof mijn spiegelbeeld me uitlachte. **“Nog steeds geen billen!” En dat strakke truitje had precies hetzelfde effect; “nog steeds niet slank genoeg!” Nou, ik had er genoeg van. Vanaf nu alleen kleding die me mooier maakt. Kleding waarin me zelfverzekerd en prettig voel.
  • Een classy carrièrevrouw zijn.
    Wat is classy eigenlijk? Zelfverzekerd? Doelbewust? En wat is een carrièrevrouw? Is dat een vrouw (check!) met een carrière (check!) Nou, dan heb ik dat vast geregeld. En zelfvertrouwen en focus vind ik volgens mij in mezelf en niet in mijn poederdoos.
  • Een perfecte huisvrouw zijn.
    Lang leve Pinterest!  Die dient o.a als online huisvrouwengids die ik te allen tijde bij de hand heb. Mijn naaimachine gaf ik aan iemand die het heel goed kon gebruiken. Zij blij – ik blij.

Fantasie en droom
Door het opruimen van mijn fantasie-tas maakte ik meer ruimte voor mijn dromen. Voor mij is een droom een wens waar ik naartoe werk en een fantasie een passief ideaal dat in mijn hoofd rondspookt. Vaak ontstaan fantasieën uit gevoelens van onzekerheid, of doordat ik niet lekker in mijn vel zit. Ik wil iets NIET en fantaseer er vervolgens op los. Ik duik erin weg en shop er nog wat spullen bij.
Een droom daarentegen is iets dat mij energie geeft. Iets dat ik graag wil bereiken of wil integreren in mijn leven. Daar naartoe werken geeft mij een gevoel van vertrouwen, enthousiasme en bevrediging.
Het stoffige hoekje is opgeruimd en mijn tas is leeg.
Ruimte zat! Tijd om te dromen 🙂

Waar droom ik van? En hoe hou ik huis en hoofd simpel & sappig?

 

* *Gelukkig kreeg ik naarmate de tijd verstreek niet alleen maar ruimte, maar ook meer bil. En wat dat buikje betreft? Tjaa..Embrace your softness?

 

Minimalisme – Hoe het begon

Vroeger riep2587841378_b41bd706b9 ik dat ik volgens “de essentie” wilde leven.  Het verlangen was sterk, maar ik had geen flauw idee hoe ik het voor me zag. Al puberend verdween die wens naar de achtergrond. Tot 2011. Toen werd dat verlangen ineens nieuw leven ingeblazen. En hoe!

Op een regenachtige zaterdag hielpen we vrienden met verhuizen. Het was flinke onderneming: onze vrienden waren kortgeleden gaan samenwonen en verhuisden van een appartement naar een eengezinswoning. Twee huishoudens werden samengevoegd en van de ene provincie naar de andere verhuisd.
Die middag trokken twee levens aan mij voorbij; jeugdherinneringen, voornemens, meubels, kleding…allemaal zorgvuldig ingepakt en verhuisklaar gemaakt. We sjouwden wat af!
Ik was onder de indruk van alle spullen en verhalen, maar dacht ook aan mijn eigen bezittingen.
Ons appartement stond vol met beeldjes, boeken en meubels die wij gekocht, verzameld of gekregen hadden.
Ons was hetzelfde lot beschoren als we zouden verhuizen naar een ‘Grote mensen huis’.  Inpakken, verhuis klaar maken, sjouwen..
Nu al zoveel spullen!
Hoe gaat dat daarna? Hard werken,  meer spullen,  een groter huis ? Meer ruimte, nóg harder werken, nóg meer spullen? Afijn, je begrijpt het idee.
Eerlijk gezegd kreeg ik het er hartstikke benauwd van. Is dit nu een grote mensenleven? Mijn grote mensen leven?
De kriebelende onrust groeide uit tot een heuse wervelwind; Ik wil eenvoud! Ik wil ruimte! 
Ik zocht inspiratie om de boel drastisch te veranderen en stuitte op verschillende blogs over het minimalisme. (Daarover in een latere post meer)
Meer eenvoud, meer ruimte dus…minder spullen!

Niet lullen..maar poetsen!
In de weken erna begon ik met ruimen; al mijn bezittingen gingen door mijn handen.
Telkens stelde ik mezelf dezelfde vraag: “Heb ik dit nodig?”
Er waren veel spullen die we dubbel hadden, daar kon sowieso een exemplaar van weg. Beschadigde, versleten of vergeten spullen, alles werd gesorteerd en klaargezet. Er kon een hele lading naar de kringloop en ook de milieustraat kreeg een portie spullen te verwerken.
Het voelde goed om ruimte te creëren en kritisch te kijken naar mijn bezittingen.

Na de eerste grote opruimronde
Uiteindelijk vond ik het welletjes en keek eens goed om heen.
Wat me het eerste opviel, was de ruimte die overbleef. (Duh!)
Door grondig te werk te gaan, kreeg ik ineens een zee aan ruimte terug. En ik liet het zo.
De vensterbanken bleven leeg en werden niet opgeleukt met schattige beeldjes, plantjes, kaarsjes etc.
De leegte mocht er zijn. 
En toen? Kwamen er ineens allerlei vragen!
Hoe waren die spullen eigenlijk allemaal in huis gekomen? Welke verlangens zaten erachter? Wat zeiden de spullen waren gebleven over mezelf? Klopte dat ook met het beeld wat ik van mezelf had?
En wat wilde ik doen met de herwonnen ruimte, in huis, maar ook in mijn eigen hoofd?

Ik dacht dat ik een heel eind was, maar ontdekte dat de reis net was begonnen!